Trainingsschema's en oefeningen thuis

Vakantietraining voor voetballende kinderen: schema voor 2 weken

Femke de Vries Femke de Vries
· · 9 min leestijd

De competitie is voorbij, de schoolbanken staan leeg, en je kind heeft ineentje om de hele dag op de bank te ploffen met een gamecontroller.

Inhoudsopgave
  1. Waarom vakantietraining echt het verschil maakt
  2. De 4 gouden regels (onthoud deze goed)
  3. Week 1: De basis opbouwen — techniek en conditie
  4. Week 2: Van training naar spel — tactiek en wedstrijdgeest
  5. De dingen die iedereen vergeet (maar echt ertoe doen)
  6. Welke spullen heb je nodig?
  7. Twee weken, één doel: beter worden en plezier hebben

Maar wacht — wat als die zomervakantie juist de perfecte kans is om als voetballer écht een stapje hoger te springen? Niet met saaie, eentonige trainingen, maar met een schema dat leuk is, uitdaagt, en resultaat oplevert.

Dit 2-wekenplan is gemaakt voor kinderen van 8 tot 12 jaar, en het werkt gewoon. Geen ingewikkelde theorie, gewoon doen.

Waarom vakantietraining echt het verschil maakt

De meeste kinderen trainen tijdens het seizoen 2 keer per week en spelen 1 wedstrijd. In de vakantie valt dat weg — en dan zie je na 6 weken dat de conditie en techniek een paar stappen zijn teruggegaan. Dat is heel normaal, maar het betekent ook dat je met een paar slimme trainingen per week een enorme voorsprong kunt opbouwen.

Kinderen die in de vakantie aan hun voetbal werken, beginnen het nieuwe seizoon sterker, sneller en zelfverzekerder.

En het mooiste: het hoeft niet saai te zijn.

De 4 gouden regels (onthoud deze goed)

Voordat we beginnen, vier simpele principes die het verschil maken tussen een training die werkt en een die niet werkt. Voetbal is geen hardlopen.

1. Specifiek trainen

Zorg dat de oefeningen lijken op wat je doet tijdens een wedstrijd: dribbelen, passen, sprinten, keren. Loopjes rond de bal zijn prima voor warming-up, maar het echte werk gebeurt met de bal aan de voet. Begin rustig en maak het elke dag iets zwaarders.

2. Langzamerhand opbouwen

Niet te snel, want overbelasting bij kinderen leidt snel tot blessures en verveling.

3. Afwisseling is key

Een goeie regel: als je kind na de training nog energie over heeft om nog even door te spelen, zit de intensiteit goed. Elke dag hetzelfde doen? Dan is je kind na drie dagen al klaar.

Wissel af tussen techniek, conditie, spelvormen en herstel. Hoe gevarieerder, hoe leuker — en hoe beter de resultaten.

4. Consistentie wint altijd

Training is als een spaarpotje: elk beetje telt. Maar als je stopt, verlies je ook weer snel.

Trainen 4 tot 5 keer per week is ideaal. De overige dagen zijn voor herstel of lichte activiteit zoals zwemmen of fietsen.

Week 1: De basis opbouwen — techniek en conditie

Week 1 draait om de fundamenten. Techniek, balgevoel en conditie.

Dag 1 — Dribbelen & balgevoel (60 minuten)

Geen ingewikkelde tactiek, gewoon de basis stevig maken. Warming-up (10 minuten): Begin met dynamische stretches — armcirkels, beenzwaaien, heuprotaties. Daarna 2 shuttle runs van 20 meter om het hartslag omhoog te krijgen.

Dribbeloefeningen (30 minuten): Zet 10 tot 15 cones (of flessen, schoenen, whatever) neer in een lijn of zigzagpatroon.

Dribbel door de slalom met de binnenkant, buitenkant, hak en zool van de voet. Doe de figure-8 oefening tussen twee cones — dit traint de balcontrole op korte afstand. Sluit af met tempo dribbelen: 30 seconden hard dribbelen, 30 seconden rustig, herhaal 5 keer. Cooling-down (10 minuten): Statische stretches.

Dag 2 — Passing & balvoering (60 minuten)

Quadriceps, kuiten, heupbuigers, hamstrings — elke spier 30 seconden inhouden. Dit voorkort kramp en stijfheid de volgende dag.

Warming-up (10 minuten): Korte sprints van 30 meter, side shuffles, en balvoeringsoefeningen zoals de bal rond je enkel draaien en de bal rollen met de zool. Passingoefeningen (30 minuten): Vind een partner (ouder, vriend, buurkind) en begin met korte passes van 5 meter — focus op nauwkeurigheid, niet op kracht. Gebruik alleen de binnenkant van de voet.

Ga daarna naar passes van 10-15 meter. Doe de driehoeksoefening met 3 spelers: pass, loop, ontvang.

Dag 3 — Conditie & uithoudingsvermogen (60 minuten)

Heb je geen partners? Gebruik een muur. Muurpassing is een van de beste oefeningen om je techniek te verbeteren, en je kunt het overal doen. Cooling-down (10 minuten): Statische stretches, focus op benen en onderrug.

Warming-up (10 minuten): Dynamische stretches en 2 sprints van 30 meter. Loopoefeningen (40 minuten): Intervaltraining is hier het sleutelwoord.

30 seconden sprinten, 60 seconden rustig lopen. Herhaal dit 6 tot 8 keer.

Dag 4 — Vrije dag of licht herstel

Dit simuleert de intensiteit van een wedstrijd, waar je steeds afwisselt tussen sprinten en lopen. Daarna 15 minuten in een rustig tempo lopen of dribbelen met de bal. Sluit af met shuttle runs: loop naar een cone op 10 meter, terug, naar 20 meter, terug, naar 30 meter, terug.

Dag 5 — Techniek combineren (60 minuten)

Cooling-down (10 minuten): Stretching, diep ademhalen, water drinken. Geen zware training.

Wandelen, zwemmen, fietsen, of gewoon buiten spelen. Het lichaam herstelt zich tijdens rust, dus deze dag is net zo belangrijk als een trainingsdag. Vandaag combineer je alles van de eerste dagen. Begin met 10 minuten warming-up.

Dag 6 & 7 — Rust of recreatief voetballen

Doe 15 minuten dribbeloefeningen, 15 minuten passing, en sluit af met 10 minuten vrij spel — gewoon de bal trappen, schieten, experimenteeren. Deze dag is onderdeel van onze 30-dagen uitdaging voor jonge voetballers, bedoeld om plezier te hebben terwijl je de geleerde vaardigheden toepast.

Speel een potje met vrienden in het park, ga naar een beachvolleybalveld voor een informeel wedstrijdje, of doe iets heel anders. Het gaat erom dat het lichaam herstelt en de geest fris blijft.

Week 2: Van training naar spel — tactiek en wedstrijdgeest

Week 2 gaat een stap verder. De basis staat — nu gaan we die vaardigheden toepassen in spelvormen en tactische oefeningen.

Dag 8 — Small-sided games (60 minuten)

Warming-up (10 minuten): Dribbelen en passing, zoals in week 1. Spelvormen (50 minuten): 3 tegen 3 of 4 tegen 4 op een klein veld. Kleiner veld betekent meer balcontact, meer beslissingen, meer plezier.

Speel kleine wedstrijden van 5 minuten met korte pauzes. Varianten: "keep away" (de bal houden in een kleine ruimte), "tik en jij bent eruit", of gewoon vrij spel.

Dag 9 — Tactische oefeningen (60 minuten)

De druk is laag, de inzet is hoog, en de leerwinst is enorm. Warming-up (10 minuten): Loopwerk en passing. Tactiek (50 minuten): Positiespel: leer je kind dat hij of zij niet altijd naar de bal toe hoeft te rennen. Gebruik cones om posities aan te geven en oefen met het verplaatsen zonder bal.

Transitieoefeningen: van verdedigen naar aanval in seconden. Zet twee goals neer met 20 meter ertussen en oefen met het snel omschakelen na een balverlies.

Dag 10 — Combinatiespel & creativiteit (60 minuten)

Sluit af met vrije trappen en hoekschoppen — 10 schoten per kant, focus op techniek niet op kracht. Warming-up (10 minuten): Balvoering en dynamische stretches. Combinatiespel (50 minuten): Speel een wedstrijd met speciale regels: je mag maar 2 aanrakingen, of je moet minstens 3 passes maken voor je mag schieten.

Dit dwingt kinderen om na te denken, samen te werken en creatief te zijn.

Dag 11 — Conditie met bal (60 minuten)

Gebruik verschillende formaties — 2-1, 1-2, 3-0 — en laat kinderen zelf posities kiezen. Net als dag 3, maar nu met bal. Intervaltraining waarbij je sprint met de bal, dribbelt door een slalom, en dan een pass geeft.

Dag 12 — Wedstrijdsimulatie (60 minuten)

Dit combineert conditie met techniek — precies wat je nodig hebt in een wedstrijd. Organiseer een klein toernooitje met vrienden of familie.

5 tegen 5, twee helften van 15 minuten. Laat een ouder scheidsrechteren.

Dag 13 & 14 — Herstel en evaluatie

Dit is de beloning van twee weken hard werken — en de beste manier om te zien wat er is gegroeid. Laat het lichaam herstellen. Bespreek met je kind wat er goed ging en wat er beter kan.

Maak een kleine lijst van doelen voor het nieuwe seizoen. En vier de prestatie — twee weken consistent trainen verdient een ijsje of een filmavond.

De dingen die iedereen vergeet (maar echt ertoe doen)

Water, water, water

Kinderen drinken vaak te weinig. Zorg dat je kind vóór, tijdens en na de training water drinken.

Eet slim, niet streng

Geen frisdrank, gewoon water. Bij warmte: een sportdrank met elektrolyten is prima, maar water is meer dan genoeg voor trainingen onder de 90 minuten.

Geen dieetregels voor kinderen, maar wel een paar basisregels. Eet voldoende koolhydraten (brood, pasta, rijst) voor energie. Eiwitten (vlees, vis, eieren, bonen) voor spierherstel.

Slaap is je geheime wapen

En bewerkte maaltijden en snoep beperken — niet verbieden, want dan wordt het juist aantrekkelijk. Kinderen van 8 tot 12 jaar hebben 9 tot 11 uur slaap per nacht nodig.

Niet 8, niet "genoeg" — echt 9 tot 11 uur. Slaap is waar het lichaam groeert, spieren herstellen en de hersenen informatie verwerken. Een kind dat goed slaapt, traint beter, leert sneller en raakt minder snel geïrriteerd. Pijn is geen "doe maar door".

Luister naar het lichaam

Als je kind klaagt over knie-, enkel- of rugpijn, neem het serieus.

Rust is dan beter dan training. Een blessure in de vakantie verpest het begin van het seizoen. Beter een dag te weinig trainen dan een maand te weinig spelen.

Maak het leuk

Dit is misschien wel het belangrijkste punt. Als je kind er niet van geniet, houdt het niet vol.

Gebruik muziek tijdens trainingen, beloon inspanning (niet alleen resultaten), en betrek vrienden. Voetbal is een teamsport — zelfs tijdens individuele trainingen maakt gezelschap het beter.

Welke spullen heb je nodig?

Je hebt niet veel nodig, maar een paar dingen maken het een stuk makkelijker. Een goede voetbal — maat 4 voor kinderen onder 12.

Een set van 10 tot 15 training cones, te koop bij Decathlon of El Corte Inglés voor een paar euro. Een waterfles die je kind zelf mooi vindt (want dan gebruikt hij of zij het ook). En sportkleding die droogt en beweegt — geen spijkerbroeken, geen schoenen met een dikke zool. Voetbalschoenen met een dunne zool geven het beste balgevoel op gras.

Twee weken, één doel: beter worden en plezier hebben

Dit schema is geen wondermiddel. Het is een solide, realistisch plan dat werkt als je het doet.

Niet perfect, niet elke seconde — gewoon consistent. Vier van de vijf trainingsdagen, en de rest mag losjes.

Na twee weken zie je het verschiel: betere balcontrole, meer uithoudingsvermogen, snellere beslissingen op het veld. En misschien nog wel belangrijker: je kind heeft weer meer zin in voetbal. Want uiteindelijk draait het daom. Volg onze weekend-trainingsroutine voor ambitieuze jeugdvoetballers en ga op naar het nieuwe seizoen.


Femke de Vries
Femke de Vries
Jeugdvoetbal coach en sport pedagoog

Femke is een ervaren coach, gepassioneerd over jeugdvoetbal en sportieve ontwikkeling.

Meer over Trainingsschema's en oefeningen thuis

Bekijk alle 34 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Hoe maak je een wekelijks trainingsschema voor een kind van 8 jaar
Lees verder →